V. Sam Berghuis: Spelend ten onder

Sam is onze 5e gast; een man van bijna 50 die zich heel bewust opstelt als een kleine jongen. Al tijdens het ontbijt op de dijk geeft hij aan dat voor hem speelsheid en omgang met natuurkrachten vaak in elkaar overlopen. ‘Ik ben al een keer bijna verdronken’, zegt hij lachend. ‘Een geweldige ervaring die ik niet had willen missen’. 

Sam lijkt het goed naar zijn zin te hebben op het wad. Het water stijgt snel, de wind waait hard. De lange man is nauwelijks nog zichtbaar en het water staat hoog; 20 cm onder de rand van de kubus.  Sam komt uit zichzelf niet terug dus we gaan hem halen. Wanneer we kletsnat weer aan de kant staan zien we de kubus verdwijnen in het water. ‘Als we je niet waren komen halen, was je dan blijven zitten?’, vraag ik hem. ‘Ja’, zegt hij beslist. 

Een paar dagen later stuurt hij me een gedicht uit Rilke’s Stundenbuch.

Ich bin auf der Welt zu allein

und doch nicht allein genug,

um jede Stunde zu weihn.

Ich bin auf der Welt zu gering

und doch nicht klein genug,

um vor dir zu sein wie ein Ding,

dunkel und klug.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *